• Burnout

    “Goed weekend allemaal! Ik ga nog even door voor dat ik naar huis ga. Deze e-mails kunnen echt niet wachten!” Ik lachte blij toen ik het zei, maar ik voelde hoe de spanningen in mijn rug toenamen. Het was alsof iemand een schroef aandraaide. Ik had de hele week overuren gemaakt op mijn werk. Het was al bijna zes uur Vrijdag avond en ik was nog niet klaar. Hoe vaak was dit mij overkomen? Ik wist het niet meer…

    Ik verwachtte altijd erg veel van mezelf. Mijn gevoel van eigenwaarde was proportioneel gerelateerd aan het aantal uren die ik werkte, met de tevredenheid van mijn klanten en het respect dat ik kreeg van mijn collega’s. Aan de buitenkant was alles prima, van binnen was ik diep gefrustreerd. Ik had geen idee wat ik moest doen! “Gewoon doorgaan. Het wordt vanzelf beter”, dacht ik. Mijn onderrug werd in de loop der tijd steeds pijnlijker en aan het einde van een dag had ik vaak ook hoofdpijn. Op het werk gingen mensen mij steeds vaker uit de weg omdat ik snel boos werd. Thuis werd ik steeds stiller en naar binnen gekeerd. 

    Na een goed gesprek met een goede vriend realiseerde ik mij dat het al te ver was gegaan. Ik zat in een burnout en ik nam 3 maanden verlof om bij te komen. “Begin daarmee”, zei mijn vriend, maar misschien heb jij meer tijd nodig”. In het begin voelde ik mij als een mislukking. Ik was altijd de rots in de branding geweest.

    Mijn eigen onvermogen om met anderen mensen te praten over hoe ik mij voelde was het eerste struikelblok dat aangepakt moest worden. Ik wilde niemand nodig hebben en was daar zelfs trots op!  Om mijn eigen emoties te accepteren en op een goede wijze te leren mij te uiten daar had ik wel hulp bij nodig. Iemand die mij kon begrijpen en mij helpen alles een plek geven. toen ik die persoon vond om me daarbij te helpen voelde dat erg goed. Het was iemand die mij steunde en waar ik de ruimte had voor mijzelf. 

    Mijn burnout veranderde veel in mijn leven en ik kan er nu naar terugkijken en dankbaar zijn. Het werd een tijd waarin ik mij opnieuw moest afvragen wie ik wilde zijn. Oude gewoontes van denken en doen laten gaan. Nieuwe manieren leren van omgaan met mijzelf en ook met anderen mensen. Me weer thuis kunnen voelen in mijn lichaam en onbezwaard kunnen ademhalen. In contact zijn met mijzelf en anderen in plaats van aan allerlei verwachtingen voldoen.

    Uiteindelijk ben ik niet teruggegaan naar mijn oude werk. Ik was er klaar mee. De crisis bleek een kans te zijn om een nieuwe start te maken. Aan de mensen waar ik nu mee werk kan ik vertellen: “Ik begrijp hoe jij je voelt. Dit is wat je eraan kan doen….”.